|
OUD-WETHOUDERS OVER DE RAAD, DE AMBTENAREN EN DE MEDIA
BOEIENDE HONDENBAAN
|
Oud-wethouders kijken terug op de periode dat ze regeerden en
hebben kritiek. Kritiek op de beperkte openheid van het huidige
stadsbestuur. Kritiek op de raad, die haar controlerende taak
voor een deel zou verwaarlozen. Kritiek op de media, die aan
veel zaken nauwelijks aandacht zou schenken. Aan het woord:
Marja Alofs, Ton Buitenhuis, Wim Hompe, Wil Wellen en Jan
Wijnia. Lees ook hun individuele verhaal.
|
Marja Alofs draait haar cv uit om een volledig overzicht te
geven van de besturen waar zij sinds het aftreden als wethouder
in zit. De lijst is te lang om uit het blote hoofd weer te
geven. Voor stichtingen en instellingen is het handig om iemand
in het bestuur te hebben die de weg kent in het stadhuis. En
Alofs weet op die manier raad met haar betrokkenheid met de
stad. Want betrokken is ze nog steeds, zegt ze.
Dat stoort haar wel eens aan het huidige stadsbestuur. Het
college van B&W; geeft vaak niet te kennen betrokken te zijn met
de stad. Een voorbeeld. Op de Ien Dales-uitreiking, de
Nijmeegse prijs voor mensen die zich inzetten voor artikel 1
van de Grondwet, was niemand van het college vertegenwoordigd.
"Daar heb ik me heel erg aan ge�rgerd. Ik vind dat er bij dat
soort gelegenheden iemand van het college hoort te zijn,
desnoods iemand namens burgemeester en wethouders."
Hoewel Wil Wellen en Wim Hompe zich niet willen uitlaten over
het huidige college, blijkt ook wel dat zij vinden dat de
communicatie met de burger nu niet optimaal is. Beiden beginnen
tijdens het interview uit zichzelf over een inspraak en
"luisteren naar de burger".
ONORTHODOX
Willen pleit voor een terugkeer van conferenties, die hij als
wethouder ook organiseerde. Tijdens zo'n conferentie gaat het
erom dat bestuurders, betrokkenen en ingehuurde deskundigen
"constructief om de tafel zitten". De inspraak over de toekomst
van het Limos-terrein is volgens Wellen een goed voorbeeld. "De
reguliere inspraak werkt altijd vanuit een polariteit tussen
politiek en burgers. De politiek zegt zus, de burgers zo. Ik
denk dat je die polariteit kunt voorkomen als je met alle
partijen in een vroeg stadium over plannen gaat nadenken."
Bestuurlijke daadkracht is wel belangrijk, vervolgt Wellen,
maar politici moeten wel goed beseffen dat de burgers ook
nadenken over de stad. Als je die betrokkenheid negeert,
verliezen burgers het vertrouwen in de politiek.
Volgens de oud-wethouder zijn fracties 'bang' dat door deze
intensieve communicatie met betrokkenen voor hen weinig ruimte
overblijft om zich te profileren. Wellen vindt het hoog tijd
dat de raadsleden zich over deze koudwatervrees zetten.
Hompe houdt er soortgelijke idee�n op na. In de politiek moet
volgens hem worden gewerkt aan een inspirerende toekomstvisie.
Dat zou moeten in een stadsplan. "Geen blauwdruk, maar
scenario's." Belangrijke thema's daarin zijn ruimtelijke
ontwikkeling, maatschappelijke participatie en de kwaliteit van
de (sociale) leefomgeving. Zo'n toekomstvisie is belangrijk
omdat je dan beter keuzes kan maken, zegt Hompe. Want keuzes
moet je maken, aangezien er in Nijmegen altijd geld te weinig
is.
"Burgers zijn mondiger dan vroeger, zij hebben idee�n over de
stad en willen graag serieus worden genomen," zegt de PvdA'er.
"Daarom moet zo'n stadsplan niet kant en klare recepten
aanbieden."
Let wel, dit is niet bedoeld als kritiek, hamert Hompe er nog
eens in. Dat is te makkelijk. Nee, hij vindt alleen dat de
betrokkenheid beter kan worden gemobiliseerd. En daarmee laat
hij zich niet uit of dat nu wel of niet goed gebeurt.
Hompe: "De politiek moet af van de defensieve houding. Geen
dichtgetimmerde nota's, maar betrek mensen. Dat komt het
vertrouwen in de politiek ook ten goede."
De politiek moet alles uit de kast halen om de mening van
burgers te peilen. Wijkgesprekken, deskundigheidsbijeenkomsten,
"stadsachtige peilingen", referenda. Het kan niet op, volgens
Hompe. "Schuw onorthodoxe manieren niet. Het is natuurlijk
afhankelijk van groepen en buurten. Soms kan je met internet
werken, soms werken stadsgesprekken beter." Als de politiek
maar permanent communiceert met betrokkenen.
SIMPEL
Jan Wijnia vindt dat de raad wel beter zou kunnen functioneren,
want het schort nogal eens aan de controle op het beleid en de
uitvoering van het beleid. "De raad heeft weinig te zeggen, is
bijna tandenloos. Dat is alleen maar erger geworden. De raad
hobbelt achter het college aan, terwijl er juist goede
discussies zouden moeten zijn op hoofdlijnen.
Dat ligt ook aan de collegefracties. Die maken deals met de
wethouders. Dat is prima, zegt Wijnia, maar dan moet het
zichtbaar gebeuren. En dat is het nu niet.
Het is misschien voor een collegepartij "knap lastig" om de
eigen wethouder aan te vallen, denkt Alofs. Toch is er niets
mis mee als de fractie eerlijk kritisch is. Als de fractie echt
wil weten hoe het zit. Want het is voor een wethouder heel
makkelijk om informatie achter te houden, hoewel Alofs zegt dat
ze dat zelf nooit heeft gedaan. "De raad vraagt te weinig
door."
De raad kan veel kritischer zijn, zegt ook Ton Buitenhuis. Hij
merkt op dat de accountant van de gemeente ieder jaar een groot
aantal aantekeningen plaatst bij de begroting. "Dat hele
boekwerk gaat er in ��n hamerslag door. Alleen dat ene
onderwerpje, waarvan de fracties weten dat het de krant zal
halen, wordt besproken." Van raadsleden zou je mogen verwachten
dat ze wat kritischer zijn, want, zo zegt Buitenhuis, daar
worden ze immers voor betaald. "Ik ben daar tamelijk simpel
in."
De raad is niet in staat om meer macht naar zich toe te
trekken, zegt Wijnia. Hij pleit daarom voor een soort
Rekenkamer op gemeentelijk niveau. Enkele raadsleden zouden
moeten plaatsnemen in een soort commissie, waarin het hele
beleid onder de loep wordt genomen.
BALLETJE
Dat de wethouders erg afhankelijk zijn van de informatie die de
ambtenaren hen bieden, bewijst de vuilegrondaffaire. Nog steeds
winden betrokken wethouders zich daarover op. Wijnia, toen
wethouder van Milieu, zegt dat hij met grote letters 'Als je
aan de wettelijke eisen voldoet' schreef onder een memootje
waarin ambtenaren vroegen of ze vervuilde grond mochten storten
in Grootstal. Maar ambtenaren negeerden zijn commentaar.
Wijnia dacht dat het goed zat, want hij vertrouwde zijn
ambtenaren. "Op het moment dat je geen vertrouwen meer kunt
hebben in de ambtenaren, kun je het beter opgeven als
bestuurder." Zo denken de andere oud-wethouders er ook over.
Als er iets is, zullen de ambtenaren het wel doorgeven, want
als wethouder kun je niet zelf op zoek gaan, is de algemene
overtuiging. Wellen: "Ik weet niet wat er in lades ligt, ik
loop niet tussen bureaus door."
Wat die vuilegrondaffaire ook heeft aangetoond, zegt Hompe, is
dat de media te vaak op de stoel van de rechter gaan zitten.
Zelf voelde hij zich geschaad, want zo veel was er nu ook niet
gebeurd. "Het was niet zo dat we er willens en wetens een potje
van hebben gemaakt." De vervuilde grond leverde geen gevaar op
voor gezondheid en ook voor het milieu was het volgens Hompe
niet zo ernstig. De wet is nu immers veranderd zoals Nijmegen
jaren geleden handelde, zeggen Hompe en Wijnia.
Als hij de puf en de energie had gehad, was Hompe naar de Raad
voor de Journalistiek gestapt. "Maar ik was niet strijdbaar
genoeg." Hij wil allesbehalve pleiten voor censuur, maar media
zouden hun maatschappelijke verantwoordelijkheid moeten nemen.
"Vooral een krant als De Gelderlander, want de invloed van die
krant op de beeldvorming van de politiek is groot."
Wijnia vindt dat de pers niet goed functioneert. Hij merkt dat
er weinig informatie wordt gegeven, hoor- en wederhoor wordt
vaak niet toegepast, en op commissievergaderingen is soms geen
pers aanwezig. "Van een open discussie komt zo weinig terecht.
Nu heerst er op het stadhuis ook geen cultuur van openheid,
maar daar kun je het balletje niet neerleggen."
Buitenhuis heeft andere ervaringen met de pers. Als een
journalist ergens achter was gekomen, heeft hij wel eens meer
informatie beloofd als de journalist nog even met zijn primeur
zou wachten. Dat was het geval bij de onderhandelingen over het
Triavium. "Ik denk niet dat ik de journalist daarmee heb
benadeeld."
tekst: Martin Lange
foto's: Rob Mols
|