De Voorpagina
De voorpagina is dit nummer ontworpen door Jac Splinter. Jac is ontwerper/beeldend kunstenaar en werkt zowel in 2d als in 3d en is daarnaast werkzaam als docent aan de Open Academie te Bemmel. maar vooral komt hij in het nieuws door acties zoals het onlangs gehouden "Park44".
In het kader van de introductie van nieuwe studenten voor de Nijmeegse Stadskrant een kwartetspel ontworpen.

> Op welke plekken in de
stad is de Stadskrant altijd gratis op te halen?

Reageren kan op het forum, maar ook via [email protected]; reacties op de site kunnen naar de webmaster (zie colofon voor postadres van de Stadskrant).

De foto's die in de Stadskrant worden gepubliceerd, zijn tegen een financiële vergoeding, na te bestellen.
Indien u hiervoor belangstelling heeft, kunt u contact opnemen met het kantoor van de Nijmeegse Stadskrant.

 

 

 
Contact met herkomstlanden is ‘in’
Vriendschap met Pskov staat onder druk

In september is het derde lustrum van de Nijmeegse stedenband met de Russische stad Pskov. Voor de Stichting Stedenband Nijmegen-Pskov (SSNP) reden voor een feestje. De vraag is hoe lang die feeststemming aanhoudt. Eind 2005 wordt de band met de zusterstad door het college van B&W kritisch geëvalueerd. Dat is mogelijk het einde van vijftien jaar vriendschap.

door Anneke Stoffelen

Het initiatief voor een Nijmeegs zusje kwam in de jaren tachtig van de organisatie Vrouwen voor Vrede. Zij zagen in een stedenband met een stad in het Oostblok de ideale manier om het vijanddenken tussen Oost en West te doorbreken. Jarenlang bleef het bij een idee. Dat veranderde in 1987. Toen stuurde de organisatie een brief naar president Gorbatsjov met het verzoek om een band met een Russische stad aan te gaan. Een stedenband kon de Russen laten zien dat het westen niet ‘eng’ is. Daarop kreeg zij een brief terug: Pskov kwam in aanmerking voor zo’n verband. Pskov is in een aantal opzichten vergelijkbaar met Nijmegen: het is een provinciestad met een lange historische achtergrond, telt ongeveer evenveel inwoners als Nijmegen en ligt net als Nijmegen in een grensgebied.

Nu, vijftien jaar later, zijn de verhoudingen veranderd. Rusland is meer verwesterd en van de gesloten scheidslijn tussen het Oosten en het Westen is geen sprake meer. De oorspronkelijke doelstelling van de stedenband, het doorbreken van het vijanddenken tussen Oost en West, heeft zijn houdbaarheidsdatum dus bereikt. Dat roept de vraag op of de stedenband met Pskov nog van nut is voor Nijmegen.

De SSNP meent van wel. Bestuurslid Wim van Dam: "Op allerlei terreinen zijn er projecten opgezet in Pskov. Op onderwijsgebied bijvoorbeeld. Jaarlijks vinden er uitwisselingen plaats tussen studenten uit Nijmegen en Pskov. Verder biedt de band culturele mogelijkheden. Er komen bijvoorbeeld muzikanten uit Pskov in Nijmegen optreden." Dat lijken vooral ‘leuke’ dingen. Wat is nu het maatschappelijke belang van deze band? Van Dam: "Voor een stad als Pskov is een band met Nijmegen tevens een toegang tot de Westerse wereld. Een contact dat mensen hoop geeft dat het anders kan."

De projecten die de SSNP opzet in Pskov lijken soms een vorm van ontwikkelingshulp. Bijvoorbeeld met betrekking tot gezondheidszorg en economie. Van Dam: "Dat beeld van ontwikkelingshulp is de laatste jaren toegenomen. Maar het is ook een vals beeld. Want op cultureel en maatschappelijk gebied kan Nijmegen nog veel van Pskov leren. Gastvrijheid bijvoorbeeld. Gezinnen in Pskov hebben niks. Kom je bij ze op bezoek, dan trekken ze werkelijk alles uit de kast om het je naar de zin te maken."

Ruimen

Bij het Nijmeegse college leven andere ideeën. Eind 2005 worden de stedenbanden Nijmegen-Pskov en Nijmegen-Masaya tegen het licht gehouden. Dan wordt besloten of de banden worden voortgezet, en zo ja, in welke vorm. In de commissievergadering eind juni bleek dat met name burgemeester Ter Horst zeer kritisch staat tegenover de band met Pskov. Volgens haar moet men zich afvragen of er dezelfde keuze gemaakt wordt als men nu de stedenbanden zou starten. Als dat niet het geval is, ziet de burgemeester geen reden om de bestaande stedenband voort te zetten. "Het moet geen vanzelfsprekendheid zijn," is haar mening. Van Dam vindt dit betreurenswaardig: "Pskov is onze zusterstad. Een zuster zet je toch niet zomaar aan de kant?"

Het college ziet voor de toekomst meer heil in contacten met de zogenaamde herkomstlanden: landen waar veel allochtone Nijmegenaren vandaan komen. In het kader van ‘het jaar van de ontmoeting’ zijn nu bijvoorbeeld zes Nijmeegse gezinnen op werkbezoek naar Turkije. Mogelijk moet de band met Pskov eind 2005 het veld ruimen voor banden met steden in dergelijke herkomstlanden. Van Dam ziet daar niets in: "Als er gekozen wordt voor een bepaalde stad uit zo’n land, dan voelen mensen van andere steden uit zo’n land zich achtergesteld."

Toch is er een kans dat de stedenband met Pskov na 2005 wordt voortgezet. Uit gemeentelijke onderzoeken blijkt dat de relatie met Pskov een relatief grote bekendheid geniet: 56 procent van de Nijmegenaren heeft ervan gehoord. Van die 56 procent beoordeelt bijna driekwart de band als redelijk tot zeer zinvol. Dat biedt de stedenband overlevingskansen. Want al blijkt de gemeente het op internationaal gebied niet zo nauw te nemen met vriendschapsbanden, met de verkiezingen in 2006 in het vooruitzicht wil het college de Nijmeegse kiezer vast wél te vriend houden.